mediis de beste zorg voor elkaar

Mediis logo

Mediis COPD

Algemene informatie

COPD is een chronische longziekte die niet valt te genezen. Een goede behandeling zorgt er voor dat de ziekte zo min mogelijk verslechterd en klachten waar mogelijk afnemen. Daarnaast wordt de patiënt geleerd hoe hij of zij het beste om kan gaan met de ziekte in het dagelijks leven. Meer dan 350.000 Nederlanders hebben COPD en dit aantal neemt de komende jaren sterk toe. Er is daarom veel aandacht voor een goede behandeling.

Voor COPD is landelijk een zorgstandaard vastgesteld door patiëntenverenigingen en zorgverleners. In de zorgstandaard staat wat de beste zorg is voor patiënten met COPD. Het zorgprogramma van Mediis is een vertaling van de landelijke zorgstandaard. De aangesloten huisartsen bieden de zorg aan vanuit de huisartspraktijk. Zij doen dit in samenwerking met andere zorgverleners zoals de praktijkondersteuner of longverpleegkundige, de diëtist en de longarts. Alle zorgverleners werken volgens de afspraken van het zorgprogramma.

Wat is COPD

COPD is een longziekte, een langdurige ontsteking van het slijmvlies van de luchtwegen. COPD is een chronische ziekte. Dat betekent dat het nooit helemaal over gaat. De longen zijn blijvend ontstoken en beschadigd en werken steeds minder goed. U krijgt vaak last van hoesten, benauwdheid en slijm in de luchtwegen. In de loop van de jaren kan het steeds moeilijker worden om genoeg lucht te krijgen, waardoor het u steeds meer moeite kost om bijvoorbeeld een stukje te wandelen.

COPD komt vooral voor bij mensen van 55 jaar en ouder. De belangrijkste oorzaak voor COPD is roken. Hoe meer en hoe langer iemand heeft gerookt, des te groter is de kans op COPD. Ook luchtverontreiniging, bijvoorbeeld het langdurig werken in een omgeving met kleine stofdeeltjes in de lucht (steen-, metaal-, graan-) kan een oorzaak zijn van COPD. Rook en prikkelende stofdeeltjes zorgen voor ontsteking van de luchtwegen. Vooral de kleine vertakkingen van de luchtwegen en de longblaasjes raken hierdoor steeds meer beschadigd.

De behandeling

De behandeling wordt georganiseerd vanuit de huisartsenpraktijk. De zorg wordt in samenwerking verleend door huisartsen, praktijkondersteuners, longverpleegkundigen, diëtisten en longartsen. Het uitgangspunt van de behandeling is dat u zo goed mogelijk met uw ziekte leert leven en dat uw klachten verminderen en longaanvallen (exacerbaties) voorkomen worden. Een longaanval is een plotselinge verslechtering bij COPD en gaat vaak gepaard met veel hoesten, taai slijm en benauwdheid. De longen kunnen verslechteren door zo’n longaanval en dit is niet altijd meer terug te draaien.

De belangrijkste behandelaar bent u zelf. Het is van belang dat u zich inspant om te doen wat u kunt doen. Hierbij krijgt u waar nodig ondersteuning van zorgverleners. Het beste medicijn is, indien u rookt, te stoppen met roken. Zolang u blijft roken zal de ziekte erger worden. Door te stoppen met roken kan het ontstekingsproces in de kleine luchtwegen verminderen of stoppen. Verdere beschadigingen in de longen worden dan vermeden en verdere luchtwegvernauwing wordt geremd. Voldoende bewegen, een gezond gewicht en gezond eten is ook heel belangrijk om te voorkomen dat de ziekte verslechtert. De behandeling kan alleen slagen als u uw steentje bijdraagt.

Daarnaast kunnen uw klachten worden verlicht door medicijnen die het ademen makkelijker maken. Deze kunnen ook worden gebruikt bij een longaanval. Als deze niet voldoende werken worden ontstekingsremmers gebruikt (zoals prednison). Soms kunnen luchtweginfecties leiden tot een longaanval. Meestal wordt een luchtweginfectie veroorzaakt door (verkoudheids)virussen. Soms komt dit door bacteriën. In dat geval is het soms nodig om antibiotica te gebruiken. Ook een jaarlijkse griepprik wordt aangeraden om de kans op griep en de, soms ernstige, complicaties ervan zo klein mogelijk te maken. Bij ernstige COPD kan diëtetiek, in combinatie met bewegingstherapie, helpen verdere achteruitgang tegen te gaan.

Wat kan ik verwachten van de ondersteuning door de zorgverleners?

Het startpunt van de behandeling is het individueel zorgplan. Dit plan stelt u samen op met uw huisarts en uw praktijkondersteuner of longverpleegkundige. Alle betrokken zorgverleners werken vervolgens met dit plan. In het individueel zorgplan staat, naast informatie over uw gezondheid:

  • wat u belangrijk vindt in het leven met COPD
  • wat uw persoonlijke doelen zijn (makkelijker traplopen, spelen met uw kleinkinderen)
  • wat u kunt doen om uw doelen te behalen
  • wat welke zorgverlener doet om u te helpen uw doelen te behalen

Een vast onderdeel van de behandeling is de COPD controle, deze vindt minimaal twee maal per jaar plaats, eenmaal bij de praktijkondersteuner en eenmaal bij de huisarts. Bij de controles wordt nagegaan hoe het gaat met uw gezondheid en het behalen van uw persoonlijke doelen. Hoe vaak deze controles gebeuren is afhankelijk van de ernst van uw klachten. De huisarts en praktijkondersteuner maken gebruik van vragenlijsten en van longtesten om duidelijk te krijgen hoe het met uw longen gaat. Als dat nodig is wordt u doorverwezen naar één van de andere zorgverleners, zoals de longarts.

Wie is eindverantwoordelijk en bij wie kan ik terecht bij vragen?

Uw huisarts is hoofdbehandelaar en is eindverantwoordelijk. Om ervoor te zorgen dat de samenwerking goed verloopt, is binnen het zorgprogramma afgesproken dat uw praktijkondersteuner of longverpleegkundige bij vragen het eerste aanspreekpunt is voor u als patiënt. De praktijkondersteuner of longverpleegkundige is de zorgverlener waar u in de behandeling het meest mee te maken krijgt.

Meer informatie over de rol van de betrokken zorgverleners:

  • Huisarts
  • Praktijkondersteuner / Longverpleegkundige
  • Diëtist
  • Fysiotherapeut
  • Longarts

Huisarts

De huisarts is hoofdbehandelaar en eindverantwoordelijk voor de behandeling. Hij stemt de behandeling af met u en de praktijkondersteuner of longverpleegkundige. Uw huisarts verwijst u waar nodig door naar andere zorgverleners.

Praktijkondersteuner / Longverpleegkundige

In de huisartspraktijk werkt de huisarts nauw samen met een praktijkondersteuner of longverpleegkundige. Zij is de zorgverlener waarmee u in de behandeling het meest te maken zult hebben. De praktijkondersteuner of longverpleegkundige stelt samen met u het individueel zorgplan op. Zij coördineert vervolgens in overleg met uw huisarts de behandeling. Belangrijke taken van de praktijkondersteuner of longverpleegkundige zijn het uitvoeren van COPD controles en het geven van voorlichting en informatie. Ook het geven van een inhalatie-instructie en het uitvoeren van spirometrie (longfunctieonderzoek) behoort tot haar taken.

Diëtist

De diëtist geeft voedingsadvies aan patiënten met COPD die ondergewicht hebben of die door de COPD ongewenst veel gewicht verliezen. Maar ook bij patiënten die overgewicht hebben en die daardoor meer last hebben van COPD geeft de diëtist adviezen. Deze voedingsadviezen kunnen alleen werken als de patiënt ook een bewegingsprogramma krijgt door een fysiotherapeut. U kunt met verwijzing van de huisarts terecht bij één van de diëtisten bij u in de buurt die aangesloten is bij Mediis. Hiervoor moet u zelf een afspraak maken. Uw huisarts kan u vertellen welke diëtisten zijn aangesloten bij Mediis. 

Fysiotherapeut

Bewegen is erg belangrijk voor patiënten met COPD. Als het u niet goed lukt om voldoende te bewegen, bijvoorbeeld omdat u benauwd bent bij inspanning, dan kan een gespecialiseerd fysiotherapeut u hierbij helpen. U kunt met verwijzing van de huisarts terecht bij een bij Mediis aangesloten fysiotherapeut voor een beweegadvies bestaande uit 1 of 2 consulten. Uw huisarts kan u vertellen welke fysiotherapeuten zijn aangesloten bij Mediis. 

Longarts

Uw huisarts verwijst u naar de longarts (werkzaam in het ziekenhuis) als specialistische hulp noodzakelijk is. Soms is een eenmalig advies van de longarts voldoende.

Wat kan ik zelf doen

De belangrijkste behandelaar bent u zelf. U kunt door gezond te leven zelf veel dingen doen om het leven met COPD makkelijker te maken en om verslechtering van de ziekte te voorkomen, of om uw gezondheid zelfs te verbeteren. Dit wordt ook wel zelfmanagement genoemd. Dit voor elkaar krijgen is makkelijker gezegd dan gedaan. Het veranderen van uw leefstijl vraagt inspanning en doorzettingsvermogen. Steun van uw omgeving kan erg belangrijk zijn.

In de behandeling wordt het individueel zorgplan gebruikt om u te helpen uw leefstijl aan te passen.  In dit plan spreekt u samen met uw huisarts en uw praktijkondersteuner of longverpleegkundige af wat de behandeling inhoudt en wie wat doet.

Wat wordt van u verwacht?

  • Uw persoonlijke behandeldoelen stellen en nastreven. Bespreek ze met uw zorgverlener, geef aan wat u zelf kunt doen en waar u hulp bij nodig denkt te hebben.
  • Zorg dat u gezond eet, voldoende beweegt en wanneer van toepassing stopt met roken.
  • Gebruik uw medicatie zoals uw huisarts heeft voorgeschreven.

Bekijk een filmpje over zelfmanagement en lees hier verder wat u zelf kan doen. Gebruik bijvoorbeeld de overzichtskaart Waar ik het over wil hebben met mijn zorgverlener om u voor te bereiden op het consult. 

Links voor meer informatie

­