mediis de beste zorg voor elkaar

Mediis logo

Mediis Zorg

Algemene informatie

Het zorgprogramma CVRM richt zich op mensen die een hart- en vaatziekte hebben of hebben doorgemaakt. Hart en vaatziekten is de verzamelnaam voor ziekten die te maken hebben met het hart het of de bloedvaten. Hart en vaatziekten komen veel voor in Nederland. 1 op de 4 Nederlanders sterft aan een hart- of vaatziekte. Daarnaast hebben veel mensen, deels door een ongezonde leefstijl, een verhoogde kans op een hart- of vaatziekte doordat ze een te hoge bloeddruk of cholesterol hebben. Er is daarom veel aandacht voor een goede behandeling hiervan. Een goede behandeling zorgt ervoor dat de ziekte niet verslechtert of dat de kans op een nieuwe hart- of vaatziekte zo klein mogelijk wordt. Daarnaast wordt de patiënt geleerd hoe hij of zij het beste om kan gaan met de ziekte in het dagelijks leven.

Er is landelijk een zorgstandaard vastgesteld door patiëntenverenigingen en zorgverleners. In de zorgstandaard staat wat de beste zorg is voor mensen met hart- en vaatziekten. Het zorgprogramma van Mediis is een vertaling van de landelijke zorgstandaard.

De aangesloten huisartsen bieden samen met hun praktijkondersteuners de zorg aan vanuit de huisartspraktijk. Zij doen dit in samenwerking met andere zorgverleners zoals de diëtist, de cardioloog, de neuroloog, de vaatchirurg, of de internist. Alle zorgverleners werken volgens de afspraken van het zorgprogramma.

Wat zijn hart- en vaatziekten?

Het hart pompt via het bloedvatenstelsel bloed rond in het hele lichaam. Bloedvaten kunnen dichtslibben en daardoor vernauwen. Dit heet aderverkalking. De vernauwing zorgt ervoor dat het gebied erachter minder bloed toegevoerd krijgt. Mensen met een vernauwing in de kransslagaders van het hart kunnen bijvoorbeeld last hebben van pijn op de borst (angina pectoris). Een hartinfarct kan ontstaan als de kransslagader plotseling verstopt raakt door een stolsel. Wanneer een bloedvat in het hoofd verstopt raakt kan dat een beroerte veroorzaken. Vernauwing van de bloedvaten in de benen kan zorgen voor kramp tijdens het lopen. Dit heet ook wel etalagebenen.

Het zorgprogramma van Mediis richt zich op het begeleiden en behandelen van patiënten met verschillende hart- en vaatziekten. Oorzaken van hart- en vaatziekten kunnen zijn (ernstig) overgewicht, te weinig lichaamsbeweging, ongezonde voeding, roken en erfelijke aanleg.

De behandeling

De behandeling wordt georganiseerd vanuit de huisartsenpraktijk. De zorg wordt in samenwerking verleend door huisartsen, praktijkondersteuners, diëtisten, cardiologen, internisten, neurologen en vaatchirurgen. Het uitgangspunt van de behandeling is dat u zo goed mogelijk met uw ziekte leert leven en dat complicaties en nieuwe hart- en vaatziekten worden voorkomen.

De belangrijkste behandelaar bent u zelf. Het is van belang dat u zich inspant om zelf al het mogelijke te doen  om nieuwe hart- en vaatziekten te voorkómen. Hierbij krijgt u waar nodig ondersteuning van zorgverleners. De behandeling kan alleen slagen als u uw steentje bijdraagt.

Een gezond voedingspatroon, voldoende lichaamsbeweging, een gezond lichaamsgewicht en stoppen met roken zorgen ervoor dat uw kans op een nieuwe hart- en vaatziekte kleiner wordt. Soms moet u daarnaast medicijnen gebruiken, bijvoorbeeld om de bloeddruk of het cholesterol te verlagen.

Wat kan ik verwachten van de ondersteuning door de zorgverleners?

Het startpunt van de behandeling is het individueel zorgplan. Dit plan stelt u samen op met uw praktijkondersteuner en huisarts. Alle betrokken zorgverleners werken vervolgens met dit plan. In het individueel zorgplan staat, naast informatie over uw gezondheid:

  • wat u belangrijk vindt in het leven met uw ziekte
  • wat uw persoonlijke doelen zijn (bijvoorbeeld: meer bewegen; medicatie goed innemen)
  • wat u kunt doen om uw doelen te behalen
  • wat de verschillende  zorgverleners doen om u te helpen uw doelen te behalen

Afhankelijk van uw kans op nieuwe hart- en vaatziekten komt u twee of meer keer op controle.  Dan wordt besproken hoe u zich voelt, uw medicijn gebruik wordt besproken en er worden controles van uw gewicht, bloeddruk en uw bloed (onder andere cholesterol) gedaan. Verder wordt uw leefstijl besproken. Hoe meer doelen u nog heeft  hoe vaker u op controle komt. Zijn uw doelen behaald, dan hoeft u maar 2 keer per jaar te komen.

Wie is eindverantwoordelijk en bij wie kan ik terecht als ik vragen heb of iets door wil geven?

Uw huisarts is hoofdbehandelaar en is eindverantwoordelijk. Om ervoor te zorgen dat de samenwerking goed verloopt, is binnen het zorgprogramma afgesproken dat uw praktijkondersteuner het eerste aanspreekpunt is als u vragen heeft. De praktijkondersteuner is dus de zorgverlener waar u in de behandeling het meest mee te maken krijgt.
Meer informatie over de rol van de betrokken zorgverleners:

  • Huisarts
  • Praktijkondersteuner
  • Diëtist
  • Cardioloog, Neuroloog, Internist, Vaatchirurg

Huisarts

De huisarts is hoofdbehandelaar en eindverantwoordelijk voor de behandeling. Hij is op de hoogte van uw situatie en stemt uw behandeling af met de praktijkondersteuner. Indien nodig verwijst de huisarts u door naar andere zorgverleners.

Praktijkondersteuner

In de huisartspraktijk werkt de praktijkondersteuner nauw samen met uw huisarts. Zij is de zorgverlener waarmee u in de behandeling het meest te maken zult hebben. De praktijkondersteuner stelt samen met u het individueel zorgplan op. Zij coördineert vervolgens, in overleg met uw huisarts, de behandeling. Belangrijke taken van de praktijkondersteuner zijn het uitvoeren van controles en het geven van voorlichting en informatie.

Diëtist

Bij de behandeling van hart- en vaatziekten is goede, gezonde voeding erg belangrijk. Als dat nodig is wordt u daarom door uw huisarts verwezen naar de diëtist. De diëtist geeft voorlichting en helpt bij het veranderen van uw leefstijl. Belangrijke aandachtspunten zijn het bereiken van een gezond gewicht, een goede bloeddruk en een gezond cholesterolgehalte.

Cardioloog, Neuroloog, Internist, Vaatchirurg

Uw huisarts verwijst u naar de cardioloog, neuroloog,internist of vaatchrirurg (werkzaam in het ziekenhuis) als specialistische hulp noodzakelijk is. Soms is een eenmalig advies van de specialist voldoende, zonder dat u naar het ziekenhuis hoeft.

Wat kan ik zelf doen?

De belangrijkste behandelaar bent u zelf. U kunt zelf veel dingen doen om het leven met een hart- of vaatziekte makkelijker te maken, om verslechtering van de ziekte te voorkomen, of om uw gezondheid zelfs te verbeteren. Dit wordt ook wel zelfmanagement genoemd. Door gezond te leven wordt de kans kleiner dat u een nieuwe hart- en vaatziekte krijgt. Dit is makkelijker gezegd dan gedaan. Het veranderen van uw leefstijl vraagt inspanning en doorzettingsvermogen. Steun van uw omgeving kan erg belangrijk zijn. In de behandeling wordt het individueel zorgplan gebruikt om u te helpen uw leefstijl aan te passen. In dit plan spreekt u samen met uw praktijkondersteuner af wat de behandeling inhoudt en wie wat doet. U kunt dit individueel zorgplan met uw familieleden bespreken, zodat zij op de hoogte zijn en u ook kunnen helpen bij een gezonde leefstijl.

Wat wordt van u verwacht?

  • Uw persoonlijke behandeldoelen stellen en nastreven. Bespreek ze met uw zorgverlener, geef aan wat u zelf kunt doen en waar u hulp bij nodig denkt te hebben.
  • Zorg dat u gezond eet, voldoende beweegt en, wanneer van toepassing, stopt met roken.
  • Neem uw medicijnen in zoals uw huisarts heeft voorgeschreven.

Bekijk een filmpje over zelfmanagement en lees hier verder wat u zelf kan doen. Gebruik bijvoorbeeld de overzichtskaart Waar ik het over wil hebben met mijn zorgverlener om u voor te bereiden op het consult.

Links voor meer informatie

­